25 jaar Gamecube: wij maken de retro-review
In 2001 lanceerde Nintendo de GameCube. Vandaag de dag geniet de kleine paarse kubus een cultstatus. Terecht? We halen de beeldbuis-tv uit de kelder en zoeken het uit.
Twee dingen staan bij de Gamecube buiten kijf: het ontwerp en het opstartgeluid. Mijn collega Domi en ik missen de iconische animaties en jingles bij de huidige consoles. Ze voeren ons direct terug naar die tijd.
Dat geldt ook als je de kubus in je handen neemt. De Gamecube is schattig en slechts half zo groot als zijn toenmalige concurrenten, de Playstation 2 en de Xbox. Dat werd onder andere mogelijk gemaakt door de eigen mini-dvd-drive, wat zowel een vloek als een zegen was. Het voorkwam piraterij, maar kon daardoor geen dvd-films afspelen. Dat was een van de belangrijkste verkoopargumenten voor de PS2.

De party-console
Ondanks zijn compacte formaat zit er in de kubus met het iconische handvat meer kracht dan in de console van Sony. Het was de laatste keer dat Nintendo een prestatiewedstrijd aanging met Sony en Microsoft. Binnenin werken een door IBM ontwikkelde CPU en een GPU van ATI, dat tegenwoordig bij AMD hoort.
De Gamecube haalde een maximale resolutie van 720 × 576 bij 60 Hertz. Visueel zijn de spellen aanzienlijk beter verouderd dan die van zijn voorganger, de Nintendo 64. De launchtitel «Luigi’s Mansion» maakt vandaag de dag nog steeds indruk met sfeervolle verlichting en kleine details zoals Luigi's trillende neus.
Bij snellere spellen zoals «Mario Kart Double Dash» is het flikkeren van de lage resolutie echter nauwelijks te negeren. Toch zijn vooral de multiplayer-spellen nog steeds leuk. Een groot deel daarvan is te danken aan de vier controller-aansluitingen. Daar maken we tijdens het opnemen van onze review gretig gebruik van en we schreeuwen alsof het 2001 is. Hoewel: eerder 2002, want in Europa verscheen de Gamecube een jaar later.

Geen flop, maar ook geen succes
Dat de console desondanks slechts bijna 22 miljoen keer werd verkocht, en daarmee ongeveer tien miljoen eenheden minder dan de Nintendo 64, had verschillende redenen. De meest voor de hand liggende heette Playstation 2. Hoewel de console van Sony duurder was, domineerde deze de markt. Niet in de laatste plaats omdat het een van de goedkoopste dvd-spelers was. Nintendo miste bovendien de boot wat betreft online gamen. Daarvoor moest je een modemadapter kopen en er waren slechts drie spellen beschikbaar. De Xbox was hier duidelijk de voorloper.

De misschien wel belangrijkste reden waren echter de spellen. Nintendo stootte externe ontwikkelaars tijdens het Nintendo 64-tijdperk af met hoge cartridge-prijzen, strenge licentiekosten en gecompliceerde hardware. Dat wreekte zich bij de Gamecube. Er verschenen daardoor aanzienlijk minder spellen dan op de PS2 en Xbox. Ook de eigen producties konden niet altijd overtuigen, zoals «Super Mario Sunshine».
Conclusie
De teerling is geworpen
Pro
- vier controller-aansluitingen
- compact ontwerp
- veel multiplayer-spellen
- tijdloze klassiekers die nog steeds leuk zijn
- analoge schouderknoppen
Contra
- geen dvd-speler
- minder games dan bij de concurrentie
- D-pad en rechter analoge stick blijven irritant
Ik ben gek op gamen en diverse gadgets, dus bij digitec en Galaxus waan ik me in het land van overvloed - alleen krijg ik helaas niets gratis. En als ik niet bezig ben met het los- en weer vastschroeven van mijn PC à la Tim Taylor, om hem een beetje te stimuleren en zijn klauwen uit te slaan, dan vind je me op mijn supercharged velocipede op zoek naar trails en pure adrenaline. Ik les mijn culturele dorst met verse cervogia en de diepe gesprekken die ontstaan tijdens de meest frustrerende wedstrijden van FC Winterthur.












